Mijn topcoat is niet egaal: de kunst van de 'flood coat'
Sta je trots te kijken naar je gloednieuwe epoxy tafelblad, en dan zie je het: een laagje dat vol oneffenheden zit. Stofdeeltjes die ingetrapt lijken te zijn, rare vlekken waar de hars niet goed is uitgelopen, of een laag die gewoon niet die diepe glans geeft waar je op hoopte. Herkenbaar? Geen paniek, dit is het moment waarop je de magie van de 'flood coat' ontdekt.
Het is het verschil tussen een 'oké' resultaat en een afwerking die eruitziet alsof hij recht uit een professionele studio komt.
Laten we eens kijken hoe je die perfecte, glanzende topcoat bereikt.
Wat is een flood coat en wanneer gebruik je het?
Veel mensen verwarren een seal coat met een flood coat, en dat is de eerste valkuil. Een seal coat is een dunne, snelle laag die je als primer aanbrengt om te zorgen dat de volgende laag goed hecht.
Een flood coat is de grote, vette finishing touch. Je giet hiermee een relatief dikke laag epoxy over je hele project, die vervolgens uitvloeit tot een perfecte, egale beschermlaag.
Verschil tussen seal coat en flood coat
Het is de ultieme topcoat voor tafelbladen, barretjes en kunstwerken die je wilt beschermen en een ondiepe dieptewerking wilt geven. Stel je een seal coat voor als het schilderen van een muur met een primer. Het is een dunne laag die de ondergrond verzegelt en de basis vormt.
Je brengt het dun aan met een kwast of roller. Een flood coat is het echte werk: je giet de hars op het oppervlak en laat het zijn werk doen.
Toepassingen voor tafelbladen en kunst
Het is de laag die de definitieve glans, kleur en bescherming toevoegt. Voor tafelbladen is de flood coat onmisbaar; zonder een goede flood coat blijft het hout kwetsbaar en zul je snel krassen zien. Je ziet een flood coat vooral terug bij projecten die zwaar gebruikt worden of die een 'wow-factor' nodig hebben. Denk aan die houten eettafel die je wilt beschermen tegen drankjes en kringen, of een prachtig stuk hout met een 'river' dat je wilt uitlichten.
Kunstenaars gebruiken flood coats om schilderijen te beschermen of om een extra diepte-laag toe te voegen.
Kortom: als je een glanzende, naadloze afwerking wilt die er professioneel uitziet, is de flood coat je beste vriend.
Oorzaken van een onegale epoxy topcoat
Waarom loopt je topcoat soms niet egaal uit? De oorzaken zijn vaak makkelijker te vinden dan je denkt.
Het begint vaak al voordat je de fles openmaakt. Een onegale epoxy laag is meestal het gevolg van slechte voorbereiding of verkeerde omstandigheden.
Stofdeeltjes in de lucht
De boosdoeners zijn vaak stof, vet of een ondergrond die niet stabiel is. Stof is de grootste vijand van een perfecte epoxy vloer of tafel. Tijdens het uitharden trekt de hars warmte aan en ontstaat er een lichte statische lading.
Pluizen, houtvezels en stofdeeltjes uit de werkplaats worden als het ware naar je natte epoxy toe getrokken. Zelfs als je denkt dat je werkruimte schoon is, kun je hier last van hebben. Een onegale epoxy ontstaat vaak doordat deze kleine deeltjes in de natte laag vallen en niet meer verwijderd kunnen worden. Die ronde, holle plekken in je epoxy die eruitzien als ogen?
Visoogjes (fisheyes) door siliconen of vet
Dat zijn visoogjes, ofwel fisheyes. Ze ontstaan door minimale hoeveelheden vet, olie of siliconen op je ondergrond.
Siliconen zitten vaak in schoonmaakmiddelen, polijstmiddelen of zelfs in je handcrème. Als je met je vingers over de ondergrond wrijft, verspreid je deze boosdoeners.
Ongelijke ondergrond
De epoxy kan niet hechten op die plekken en trekt zich terug, wat resulteert in die vervelende kuiltjes. Een flood coat kan oneffenheden in de ondergrond niet zomaar 'wegwerken'. Als je tafelblad niet waterpas ligt, zal de hars naar het laagste punt stromen.
Je krijgt dan op de ene plek een extreem dikke laag en op de andere plekken een te dunne laag die zelfs bloot kan komen te liggen.
Zorg er dus voor dat je project stabiel en waterpas staat voordat je begint. Dit is de basis voor een egale flood coat.
De juiste epoxyhars kiezen voor een flood coat
Niet elke epoxyhars is geschikt voor een flood coat. Je hebt een hars nodig die langzaam uithardt en goed kan uitvloeien.
Kies je de verkeerde, dan loop je het risico dat je laag te snel hard wordt en niet egaal wordt, of dat hij juist te vloeibaar blijft en van je project afdrijft. Viscositeit is simpelweg hoe dik of dun een vloeistof is. Voor een flood coat heb je een hars met een lage viscositeit nodig.
Viscositeit van de hars
Die is dun genoeg om makkelijk uit te vloeien en luchtbelletjes te laten ontsnappen, maar dik genoeg om niet als water over je tafel te lopen.
Merken als ArtResin of Clear Coat by Superflo zijn hier bekend om. Ze zijn speciaal ontwikkeld voor die diepe, glanzende afwerking en vloeien prachtig uit. Een goede flood coat epoxy is 'zelfnivellerend'.
Zelfnivellerende eigenschappen
Dat betekent dat de hars, als je hem eenmaal giet en wat tijd geeft, langzaam zijn eigen weg zoekt om een perfect vlak oppervlak te vormen. Kleine oneffenheden in de ondergrond worden hierdoor opgevuld.
Het is een magisch proces om te zien. Zorg dat je de hars de tijd geeft; probeer niet te veel te helpen met een kwast, want dat brengt alleen maar lucht in de substantie.
Voorbereiding van het oppervlak voor de perfecte hechting
De voorbereiding is 80% van het werk. Als je dit goed doet, voorkom je bijna alle problemen die we hierboven hebben besproken.
Opschuren van de vorige laag
Neem hier echt de tijd voor, want haast werk is zelden goed werk. Heb je al een laag epoxy of een laklaag op je project? Dan moet je deze altijd licht opschuren.
Gebruik schuurpapier met een korrelgrootte van ongeveer P220 tot P320. Je hoeft niet tot op het hout te schuren; je wilt de bovenste laag van de epoxy 'openen' zodat de nieuwe laag erin kan grijpen.
Ontvetten met de juiste middelen
Dit heet 'mechanische hechting'. Zorg dat je na het schuren alle stof grondig verwijdert met een stofzuiger en een pluisvrije doek.
Na het schuren is ontvetten essentieel om visoogjes te voorkomen. Gebruik hiervoor Isopropylalcohol (99,9%) of een speciale epoxy cleaner. Vermijd schoonmaakmiddelen die siliconen bevatten (vaak te vinden in glasreinigers). Wrijf het oppervlak in met een schone, pluisvrije doek en laat het goed drogen. Je werkplek moet stofvrij en vetvrij zijn.
Gereedschappen voor het aanbrengen van een flood coat
Goed gereedschap maakt het werk niet alleen makkelijker, het bepaalt ook de kwaliteit van je resultaat. Je hebt niet veel nodig, maar wat je nodig hebt, moet van goede kwaliteit zijn.
Om de epoxy na het gieten te verdelen, gebruik je een plastic lijmkam of een brede epoxy spatel.
Lijmkammen en spatels
Met de lijmkam kun je de hars makkelijk verspreiden zonder dat je hem te veel beweegt. De spatel is handig om de hars over de randen te trekken. Kies voor plastic gereedschap dat specifiek voor epoxy is gemaakt; zo voorkom je dat je onbedoeld verontreinigingen in je hars brengt.
Een gasbrander is het gereedschap dat de magie bewerkstelligt. Zodra je de hars hebt gegoten, zie je kleine belletjes ontstaan. Door met de gasbrander (op veilige afstand!) over het oppervlak te bewegen, verwarm je de bovenste laag van de hars. Hierdoor worden de luchtbelletjes kleiner en verdwijnen ze.
Gasbrander voor luchtbellen
Ook help je de hars iets sneller te vloeien. Een Brüllo of Iwata airbrush werkt ook, maar een simpele, goedkope gasbrander van de bouwmarkt is vaak voldoende voor de hobbyist.
Let op: hou de brander in beweging om verbranding te voorkomen!
Stap-voor-stap een egale flood coat gieten
Het is zover. Je werkplek is schoon, je hars is besteld en je gereedschap ligt klaar. Tijd om te gieten.
Volg deze stappen voor een resultaat waar je trots op kunt zijn.
Mengen
Meng je epoxyhars en harder precies volgens de instructies van de fabrikant. Meng grondig, maar niet te snel.
Schraap de randen en bodem van je mengbeker om te zorgen dat alles goed gemengd is. Laat de gemengde hars, afhankelijk van het merk, een paar minuten staan. Dit heet 'pot life'.
Gieten vanuit het midden
De hars wordt nu iets warmer en is beter te verwerken. Giet de hars in een dikke, straal vanuit het midden van je project.
De zwaartekracht doet de rest en zal de hars naar de randen duwen. Giet voldoende hars, zodat je zeker weet dat je het hele oppervlak bedekt. Het is beter iets te veel dan te weinig. Gebruik je lijmkam of spatel om de hars gelijkmatig te verdelen.
Verdelen en ontluchten
Zorg dat je de randen meeneemt, ook als de epoxy wegkruipt door oppervlaktespanning. Laat de hars daarna even rusten.
Je zult zien dat de hars langzaam uitvloeit en de strepen van je kam verdwijnen.
Nu is het tijd voor de gasbrander. Beweeg hem in snelle, brede banen over het oppervlak. Je ziet de luchtbelletjes verdwijnen als sneeuw voor de zon. Herhaal dit nog een keer na een paar minuten.
Veelgemaakte fouten bij de afwerking
Zelfs de beste vakmensen maken fouten. Zie je stofdeeltjes in de topcoat? Met de juiste schuur- en polijstmethode herstel je dit eenvoudig.
Te veel hitte van de brander
Hier zijn de meest voorkomende. Als je de gasbrander te lang op één plek houdt of te dicht bij het oppervlak brengt, kan de epoxy verbranden. Je ziet dan bruine of zwarte vlekken ontstaan die niet meer weggaan.
Het is alsof je een pan aanbrandt. Houd een afstand van ongeveer 15-20 centimeter en blijf bewegen.
Te dunne laag gieten
De hitte moet de bovenste laag net genoeg verwarmen om de belletjes te laten barsten, niet de hars koken, want anders laten de lagen los.
Een te dunne laag gieten is een veelgemaakte fout. De hars heeft een bepaalde dikte nodig om goed te kunnen uitharden en zijn eigenschappen te behouden. Als je te weinig giet, loop je het risico dat de laag te zacht blijft of dat je de korrel van het hout er nog doorheen ziet. Meet je hars altijd netjes af en zorg dat je laagdikte (meestal 1 tot 2 millimeter) voldoet aan de specificaties van de fabrikant.
